De rechtbank

LJN: BM0538, Rechtbank Almelo , 08/710311-09 Print uitspraak
Datum uitspraak: 09-04-2010
Datum publicatie: 09-04-2010
Rechtsgebied: Straf
Soort procedure: Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie: Verdachte is schuldig bevonden aan wederrechtelijke vrijheidsberoving en aanranding van de eerbaarheid. Gezien de ernst van de feiten en de speciale recidive is verdachte veroordeeld tot vier jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf en TBS met verpleging van overheidswege.
Uitspraak
RECHTBANK ALMELO
Parketnummer: 08/710311-09
STRAFVONNIS
Uitspraak: 9 april 2010


De rechtbank te Almelo, meervoudige kamer voor strafzaken, rechtdoende in de zaak van de officier van justitie in het arrondissement Almelo, tegen:

[verdachte]
geboren te [woonplaats] op [1974],
wonende te [woonplaats],

thans verblijvende in het huis van bewaring te Leeuwarden

terechtstaande -na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting- terzake dat:

1.

hij in of omstreeks de periode van 11 april 2009 tot en met 12 april 2009
in de gemeente Enschede, althans in Nederland,
tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,
in een woning aan de [adres], aldaar opzettelijk een persoon, genaamd [slachtoffer], wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd en/of beroofd gehouden, immers is/heeft hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een ander of
anderen, althans alleen:
- in de nachtelijke uren de woning van die [slachtoffer] binnengedrongen en/of
binnengeklommen en/of binnengegaan, en/of
- voornoemde [slachtoffer] in/bij de nek, althans haar lichaam, (beet)gepakt en/of (vast)gegrepen en/of
- de hand over/op de mond van die [slachtoffer] gedaan/gedrukt en/of
- voornoemde [slachtoffer] vastgebonden (op/aan een stoel) met tape en/of een shawl en/of
- de polsen en/of enkels, althans lichaamsdelen, van voornoemde [slachtoffer]
tegen/aan elkaar (vast)gebonden met tape en/of
- tape en/of doek op/over de mond en/of het hoofd van die [slachtoffer] gedaan en/of
- voornoemde [slachtoffer] een (aantal) glas/glazen Bacardi, althans alcohol,
toegediend, althans geprobeerd toe te dienen en/of
- tegen voornoemde [slachtoffer] gezegd dat zij haar mond moest houden en de Bacardi, althans de alcohol, moest opdrinken, anders zou(den) hij, verdachte, en/of
zijn mededader(s) er wel voor zorgen dat zij het binnenkreeg, en/of aan
voornoemde [slachtoffer] gevraagd of zij soms iets ergs mee wilde maken en/of tegen voornoemde [slachtoffer] gezegd dat ze niet meer vastgebonden zou worden als ze mee zou werken, en/of (binnen gehoorsafstand van die [slachtoffer]) gezegd dat echte psychopaten een keer vrij komen, maar nooit genezen, althans woorden van gelijke (dwingende en/of dreigende) aard en/of strekking, en/of
- voornoemde [slachtoffer] op een bank en/of een tafel gelegd en/of (vervolgens) die[slachtoffer] uitgekleed en/of
- een camera op die [slachtoffer] gericht (gehouden) en/of opnames van die [slachtoffer] gemaakt en/of
- het/de be(e)n(en) van die [slachtoffer] vastgepakt/vastgehouden en/of
- de borst(en) en/of de vagina van die [slachtoffer] betast/aangeraakt/binnengedrongen
en/of een substantie op/over de buik, althans het lichaam, van die [slachtoffer]
gespoten/gelegd en/of
- de deur(en) van de woning afgesloten en/of voornoemde [slachtoffer] vastgehouden en/of opgesloten (gehouden);

art 282 lid 1 Wetboek van Strafrecht
art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

en/of, althans subsidiair, terzake dat

hij in of omstreeks de periode van 11 april 2009 tot en met 12 april 2009
in de gemeente Enschede, althans in Nederland,
tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen
door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer] heeft gedwongen tot de
afgifte van haar pinpas en/of pincode en/of enig geldbedrag en/of een
sleutelbos en/of een [nationaliteit] paspoort en/of een vreemdelingendocument en/of
een NS-reizigerspas, althans enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan
die[slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachten en/of zijn mededader(s),
welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte
en/of zijn mededader(s):
- in de nachtelijke uren de woning van die [slachtoffer] is/zijn binnengedrongen en/of
binnengeklommen en/of binnengegaan, en/of
- voornoemde [slachtoffer] in/bij de nek, althans haar lichaam, heeft/hebben
(beet)gepakt en/of (vast)gegrepen en/of
- de hand over/op de mond van die[slachtoffer] heeft/hebben gedaan/gedrukt en/of
- voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben vastgebonden (op/aan een stoel) met tape en/of een shawl en/of
- de polsen en/of enkels, althans lichaamsdelen, van voornoemde [slachtoffer]
tegen/aan elkaar heeft/hebben (vast)gebonden met tape en/of
- tape en/of doek op/over de mond en/of het hoofd van die[slachtoffer] heeft/hebben gedaan en/of
- voornoemde [slachtoffer] een (aantal) glas/glazen Bacardi, althans alcohol,
toegediend, althans heeft/hebben geprobeerd toe te dienen en/of
- tegen voornoemde[slachtoffer] heeft/hebben gezegd dat zij haar mond moest houden en de Bacardi, althans de alcohol moest opdrinken, anders zou(den) hij,
verdachte, en/of zijn mededader(s) er wel voor zorgen dat zij het binnenkreeg,
en/of aan voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben gevraagd of zij soms iets ergs mee wilde maken en/of tegen voornoemde[slachtoffer] heeft/hebben gezegd dat ze niet meer vastgebonden zou worden als ze mee zou werken, en/of (binnen gehoorsafstand van die [slachtoffer]) heeft/hebben gezegd dat echte psychopaten een keer vrij komen, maar nooit genezen, althans woorden van gelijke (dwingende e/of dreigende) aard en/of strekking, en/of
- die[slachtoffer] meermalen, althans eenmaal, in het gezicht heeft/hebben geslagen en/of getikt en/of
- die [slachtoffer] heeft/hebben gevraagd naar de pincode van haar pinpas;

art 310 Wetboek van Strafrecht
art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht


2.
hij in of omstreeks de periode van 11 april 2009 tot en met 12 april 2009,
in de gemeente Enschede, althans in Nederland,
door geweld of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of
(een) andere feitelijkhe(i)d(en) een persoon genaamd [slachtoffer] heeft
gedwongen tot het ondergaan van (een) handeling(en) die bestond(en) uit of
mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) (met kracht) zijn penis en/of vinger(s) en/of een (salami)worst, althans enig voorwerp, in de vagina van die
[slachtoffer] geduwd en/of gebracht en/of gestoken,
en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging
met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) hierin dat verdachte tezamen en
in vereniging met een ander of anderen, althans alleen:
- in de nachtelijke uren de woning van die [slachtoffer] is/zijn binnengedrongen en/of binnengeklommen en/of binnengegaan, en/of
- voornoemde [slachtoffer] in/bij de nek, althans haar lichaam, heeft/hebben
(beet)gepakt en/of (vast)gegrepen en/of
- de hand over/op de mond van die[slachtoffer] heeft/hebben gedaan/gedrukt en/of
- voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben vastgebonden (op/aan een stoel) met tape en/of een shawl en/of
- de polsen en/of enkels, althans lichaamsdelen, van voornoemde [slachtoffer]
tegen/aan elkaar heeft/hebben (vast)gebonden met tape en/of
- tape en/of doek op/over de mond en/of het hoofd van die [slachtoffer] heeft/hebben gedaan en/of
- voornoemde[slachtoffer] een (aantal) glas/glazen Bacardi, althans alcohol,
toegediend, althans heeft/hebben geprobeerd toe te dienen en/of
- tegen voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben gezegd dat zij haar mond moest houden en
de Bacardi, althans de alcohol moest opdrinken, anders zou(den) zij,
verdachte, en/of haar mededader(s) er wel voor zorgen dat zij het binnenkreeg,
en/of aan voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben gevraagd of zij soms iets ergs mee wilde maken en/of tegen voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben gezegd dat ze niet meer vastgebonden zou worden als ze mee zou werken, en/of (binnen gehoorsafstand van die [slachtoffer]) heeft/hebben gezegd dat echte psychopaten een keer vrij komen, maar nooit genezen, althans woorden van gelijke (dreigende) aard en/of strekking, en/of
- voornoemde [slachtoffer] op een bank en/of een tafel heeft/hebben gelegd en/of (vervolgens) die [slachtoffer] heeft/hebben uitgekleed en/of
- een camera op die [slachtoffer] heeft/hebben gericht (gehouden) en/of opnames van die[slachtoffer] heeft/hebben gemaakt en/of
- het/de be(e)n(en) van die [slachtoffer] heeft/hebben vastgepakt/vastgehouden en/of
- de borst(en) en/of de vagina van die [slachtoffer] heeft/hebben
betast/aangeraakt/binnengedrongen en/of een substantie op/over de buik,
althans het lichaam, van die [slachtoffer] heeft/hebben gespoten/gelegd en/of
- de deur(en) van de woning heeft/hebben afgesloten en/of voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben vastgehouden en/of opgesloten (gehouden);

art 242 Wetboek van Strafrecht
art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

ALTHANS, voor zover voor het vorenstaande onder 2 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, SUBSIDIAIR, terzake dat

hij in of omstreeks de periode van 11 april 2009 tot en met 12 april 2009 in
de gemeente Enschede, althans in Nederland,
tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, door geweld
of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld of (een)
andere feitelijkhe(i)d(en) een persoon genaamd [slachtoffer] heeft gedwongen
tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handeling(en),
bestaande uit het betasten/aanraken van de borst(en) en de buik van die [slachtoffer] en/of het met zijn penis en/of zijn vingers en/of een (salami)worst, althans enig voorwerp, betasten/aanraken van de vagina van die [slachtoffer],
en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging
met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) hierin dat verdachte tezamen en
in vereniging met een ander of anderen, althans alleen:
- in de nachtelijke uren de woning van die [slachtoffer] is/zijn binnengedrongen en/of binnengeklommen en/of binnengegaan, en/of
- voornoemde[slachtoffer] in/bij de nek, althans haar lichaam, heeft/hebben
(beet)gepakt en/of (vast)gegrepen en/of
- de hand over/op de mond van die [slachtoffer] heeft/hebben gedaan/gedrukt en/of
- voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben vastgebonden (op/aan een stoel) met tape en/of een shawl en/of
- de polsen en/of enkels, althans lichaamsdelen, van voornoemde [slachtoffer]
tegen/aan elkaar heeft/hebben (vast)gebonden met tape en/of
- tape en/of doek op/over de mond en/of het hoofd van die [slachtoffer] heeft/hebben gedaan en/of
- voornoemde [slachtoffer] een (aantal) glas/glazen Bacardi, althans alcohol,
toegediend, althans heeft/hebben geprobeerd toe te dienen en/of
- tegen voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben gezegd dat zij haar mond moest houden en de Bacardi, althans de alcohol moest opdrinken, anders zou(den) zij,
verdachte, en/of haar mededader(s) er wel voor zorgen dat zij het binnenkreeg,
en/of aan voornoemde[slachtoffer] heeft/hebben gevraagd of zij soms iets ergs mee wilde maken en/of tegen voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben gezegd dat ze niet meer vastgebonden zou worden als ze mee zou werken, en/of (binnen gehoorsafstand van die[slachtoffer]) heeft/hebben gezegd dat echte psychopaten een keer vrij komen, maar nooit genezen, althans woorden van gelijke (dreigende) aard en/of strekking, en/of
- voornoemde [slachtoffer] op een bank en/of een tafel heeft/hebben gelegd en/of (vervolgens) die [slachtoffer] heeft/hebben uitgekleed en/of
- een camera op die [slachtoffer] heeft/hebben gericht (gehouden) en/of opnames van die [slachtoffer] heeft/hebben gemaakt en/of
- het/de be(e)n(en) van die[slachtoffer] heeft/hebben vastgepakt/vastgehouden en/of
- de borst(en) en/of de vagina van die[slachtoffer] heeft/hebben
betast/aangeraakt/binnengedrongen en/of een substantie op/over de buik,
althans het lichaam, van die [slachtoffer] heeft/hebben gespoten/gelegd en/of
- de deur(en) van de woning heeft/hebben afgesloten en/of voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben vastgehouden en/of opgesloten (gehouden);

art 246 Wetboek van Strafrecht
art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht


Gezien de stukken;

Gelet op het onderzoek ter terechtzitting;

Gehoord de vordering van de officier van justitie;

Gelet op de verdediging door namens verdachte gevoerd;


De rechtbank heeft de in de tenlastelegging begane kennelijke schrijffouten verbeterd, in de bewezenverklaring.
Verdachte wordt daardoor in zijn verdediging niet geschaad.


De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan verdachte sub 1 cumulatief/alternatief, dan wel subsidiair en sub 2 primair is tenlastegelegd, zodat hij daarvan behoort te worden vrijgesproken.
Ten aanzien van te onder 1 cumulatief/alternatief, dan wel subsidiair tenlastegelegde is de rechtbank van oordeel dat de officier van justitie heeft beoogd “afpersing” ten laste te leggen. De rechtbank is evenwel niet gebleken dat het slachtoffer door geweld en/of bedreiging met geweld is gedwongen tot afgifte van de in de tenlastelegging genoemde goederen. Met name is niet gebleken dat verdachte met de tenlastegelegde gewelddadigheden c.q. bedreigingen het oogmerk hadden om [slachtoffer] geld en goederen afhandig te maken. Daarbij komt nog dat verdachten de genoemde goederen zichzelf hebben toegeëigend. [slachtoffer] heeft deze niet afgegeven.
Ten aanzien van het onder 2 primair ten laste gelegde is de rechtbank niet gebleken dat er sprake is geweest van seksueel binnendringen bij [slachtoffer].


De rechtbank is door de inhoud van vorenstaande bewijsmiddelen, waarop na te melden beslissing steunt, tot de overtuiging gekomen en acht wettig bewezen dat verdachte het sub 1 primair en sub 2 subsidiair ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

1 primair.

hij in de periode van 11 april 2009 tot en met 12 april 2009 in de gemeente Enschede, tezamen en in vereniging met een ander, in een woning aan de [adres slachtoffer], opzettelijk een persoon, genaamd [slachtoffer], wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd en beroofd gehouden, immers is/heeft hij, verdachte, tezamen en in vereniging met een [slachtoffer] ander:
- in de nachtelijke uren de woning van die [slachtoffer] binnengegaan, en
- voornoemde [slachtoffer] bij de nek beetgepakt en vastgegrepen en
- de hand over de mond van die[slachtoffer] gedaan/gedrukt en
- voornoemde [slachtoffer] vastgebonden op een stoel met een shawl en
- de polsen en enkels van voornoemde [slachtoffer] tegen/aan elkaar vastgebonden met tape en
- tape over de mond van die [slachtoffer] gedaan en
- tegen voornoemde [slachtoffer] gezegd dat zij haar mond moest houden en de Bacardi moest opdrinken, anders zouden hij, verdachte, en zijn mededader er wel voor zorgen dat zij het binnenkreeg, en/of aan voornoemde[slachtoffer] gevraagd of zij soms iets ergs mee wilde maken en tegen voornoemde [slachtoffer] gezegd dat ze niet meer vastgebonden zou worden als ze mee zou werken, en binnen gehoorsafstand van die [slachtoffer] gezegd dat echte psychopaten een keer vrij komen, maar nooit genezen en
- voornoemde [slachtoffer] op een bank en een tafel gelegd en vervolgens die
[slachtoffer] uitgekleed en
- een camera op die [slachtoffer] gericht en opnames van die [slachtoffer] gemaakt en
- de benen van die [slachtoffer] vastgepakt/vastgehouden en
- de borsten en de vagina van die[slachtoffer] betast/aangeraakt en een substantie op de buik, althans het lichaam, van die[slachtoffer] gespoten/gelegd en
- de deuren van de woning afgesloten en voornoemde [slachtoffer] vastgehouden en opgesloten gehouden.


2 subsidiair.

hij in de periode van 11 april 2009 tot en met 12 april 2009 in
de gemeente Enschede tezamen en in vereniging met een ander, door geweld
of andere feitelijkheden en bedreiging met geweld of andere feitelijkheden een persoon genaamd [slachtoffer] heeft gedwongen tot het dulden van ontuchtige handelingen, bestaande uit het betasten/aanraken van de borsten en de buik van die [slachtoffer] en het met een worst, betasten/aanraken van de vagina van die [slachtoffer], en bestaande dat geweld of die andere feitelijkheden en die bedreiging met geweld of die andere feitelijkheden hierin dat verdachte tezamen en in vereniging met een ander:
- in de nachtelijke uren de woning van die [slachtoffer] is/zijn binnengeklommen en/of binnengegaan, en
- voornoemde [slachtoffer] bij de nek, heeft gepakt en vastgegrepen en
- de hand over/op de mond van die [slachtoffer] heeft/hebben gedaan/gedrukt en/of
- voornoemde [slachtoffer] heeft vastgebonden op een stoel met een shawl en
- de polsen en enkels, van voornoemde [slachtoffer] tegen/aan elkaar heeft/hebben vastgebonden met tape en
- tape over de mond van die [slachtoffer] heeft gedaan en
- tegen voornoemde [slachtoffer] heeft gezegd dat zij haar mond moest houden en de Bacardi moest opdrinken, anders zouden hij, verdachte, en zijn mededader er wel voor zorgen dat zij het binnenkreeg, en aan voornoemde [slachtoffer] heeft gevraagd of zij soms iets ergs mee wilde maken en tegen voornoemde [slachtoffer] heeft/hebben gezegd dat ze niet meer
vastgebonden zou worden als ze mee zou werken, en binnen gehoorsafstand
van die [slachtoffer] heeft gezegd dat echte psychopaten een keer vrij komen,
maar nooit genezen, en
- voornoemde [slachtoffer] op een bank en een tafel heeft gelegd en vervolgens die [slachtoffer] heeft uitgekleed en
- een camera op die [slachtoffer] heeft gericht gehouden en opnames van
die [slachtoffer] heeft gemaakt en
- de benen van die [slachtoffer] heeft vastgepakt/vastgehouden en
- de borsten en de vagina van die [slachtoffer] heeft betast/aangeraakt en een substantie op de buik,van die [slachtoffer] heeft/hebben gespoten/gelegd en
- de deuren van de woning heeft afgesloten en voornoemde [slachtoffer] heeft vastgehouden en opgesloten.


Tot deze beslissing geven reden de in die bewijsmiddelen voorkomende feiten en omstandigheden, waarbij de inhoud van die bewijsmiddelen telkens alleen is gebezigd tot bewijs van het telastegelegde feit, waarop deze inhoud in het bijzonder betrekking heeft.


De rechtbank acht niet bewezen wat aan verdachte onder 1 primair en onder 2 subsidiair meer of anders is tenlastegelegd, zodat hij daarvan behoort te worden vrijgesproken.


Het bewezenverklaarde levert op:

wat betreft sub 1 primair, het misdrijf:
"Medeplegen van opzettelijk iemand van de vrijheid beroven en beroofd houden",
strafbaar gesteld bij artikel 282 juncto 47 van het Wetboek van Strafrecht;

en wat betreft sub 2 subsidiair, het misdrijf:
"Medeplegen van feitelijke aanranding van de eerbaarheid",
strafbaar gesteld bij artikel 246 juncto 47 van het Wetboek van Strafrecht;

De verdachte is strafbaar, aangezien niet is gebleken van een zijn strafbaarheid uitsluitende omstandigheid.

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte, terzake het onder 1 primair en subsidiair en onder 2 subsidiair tenlastegelegde wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 jaren met TBS en dwangverpleging met aftrek van het voorarrest, met toewijzing van de civiele vordering van [slachtoffer], domicilie kiezende ten kantore van Buntsma & Van Dooren, Delpratsingel 24-25 te Breda, tot een bedrag van € 7.500,00 en oplegging daarbij van de zogenaamde Terwee-maatregel, met niet-ontvankelijkverklaring van het overige deel van de vordering.

De rechtbank overweegt wat de straf betreft, dat op grond van de aard van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn gepleegd en de persoon van verdachte, zoals één en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, aan verdachte de straf en maatregel behoort te worden opgelegd, zoals deze hierna zal worden bepaald, waarbij nog het volgende is overwogen:
Verdachte is samen met zijn mededader de woning van het slachtoffer binnengegaan, heeft vervolgens het slachtoffer met tape vastgebonden en het slachtoffer gedwongen alcohol tot zich te nemen. Vervolgens is het slachtoffer ontkleed en over haar lichaam betast waarbij video-opnames zijn gemaakt. Hierdoor is het slachtoffer ernstig in haar persoonlijke integriteit aangetast in een omgeving, zijnde haar eigen woning, waarin zij zich veilig moet kunnen voelen. De rechtbank heeft voorts acht geslagen op het uittreksel justitiële documentatie d.d. 13 januari 2010 waaruit ondermeer blijkt dat verdachte eenmaal eerder is veroordeeld voor een vergelijkbare feit als thans bewezen zijn geacht.

Op verzoek van de rechter-commissaris is door A.C. Bruijns, psychiater en P.E. Geurkink, psycholoog bij het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie een onderzoek ingesteld naar de geestesvermogens van de verdachte. Voornoemde psychiater en psycholoog hebben op 14 oktober 2009 rapport uitgebracht waaruit blijkt dat verdachte heeft geweigerd zijn medewerking te verlenen aan het onderzoek. Volgens psychiater Bruijns zijn ondanks de weigering van verdachte om zijn medewerking te verlenen voldoende observaties geweest om enkele verantwoorde opmerkingen over psychiatrische diagnostiek te kunnen noteren. De psychiater komt tot de conclusie, als de resultaten van het eigen onderzoek worden gecombineerd met de gegevens die over verdacht bekend zijn, dat er bij verdachte sprake is van een antisociale persoonlijkheidsstoornis. Daarnaast vertoont verdachte kenmerken van narcistische en theatrale persoonlijkheidsstoornissen. De psychiater onderschrijft de hoge mate van psychopathie van verdachte De rechtbank is van oordeel dat op basis van deze rapportage, de in het verleden gepleegde feiten, de nu bewezen verklaarde feiten en de overeenkomst tussen die feiten en het gevaar dat verdachte voor zijn omgeving aanleiding is om de terbeschikkingstelling van verdachte te gelasten met bevel tot verpleging van overheidswege.

Gelet op de ernst van de feiten en ter normhandhaving, en gelet op de speciale recidive van verdachte, is naar het oordeel van de rechtbank, daarnaast een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur op zijn plaats.

Civiele vordering
De rechtbank overweegt verder, dat [slachtoffer], ter zake van feit 1 primair en subsidiair en feit 2, zich via het in artikel 51b van het Wetboek van Strafvordering voorgeschreven formulier als benadeelde partij heeft gevoegd in het strafproces, en op de voet van artikel 51b van het Wetboek van Strafvordering opgave heeft gedaan van de vordering tot schadevergoeding als benadeelde partij, tot een totaalbedrag van € 12.500,00 wegens geleden immateriële schade.

Naar het oordeel van de rechtbank is deze gemotiveerd door verdachte betwiste, vordering van de benadeelde partij ten dele gegrond, aangezien op grond van de gebezigde bewijsmiddelen en het verhandelde ter terechtzitting is komen vast te staan dat aan de benadeelde partij door de bewezen verklaarde feiten rechtstreeks schade is toegebracht.
De rechtbank ziet voldoende aanleiding om aan de benadeelde partij bij wijze van voorschot ter zake immateriële schade een bedrag van € 1.500,00 toe te kennen. Verdachte is met zijn mededader hoofdelijk aansprakelijk voor betaling.
Voor het meerdere zal de benadeelde partij zich tot de burgerlijke rechter moeten wenden aangezien de vordering uit onrechtmatige daad, gelet op de specifieke omstandigheden van dit geval, niet direct kan worden aangemerkt als zijnde van eenvoudige aard. Voor het meerdere zal de vordering benadeelde partij daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.
De rechtbank zal hierbij de maatregel als bedoeld in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht opleggen, zodat ook de Staat zal trachten de vordering namens de benadeelde partij te innen.

De na te melden straf en maatregel zijn gegrond, behalve op voormelde artikelen, op de artikelen 10, 37a, 37b en 57 van het Wetboek van Strafrecht.


R E C H T D O E N D E:

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte sub 1, cumulatief/alternatief of subsidiair en sub 2 primair is tenlastegelegd en spreekt hem daarvan vrij.

Verklaart bewezen, dat het sub 1 primair en sub 2 subsidiair tenlastegelegde zoals boven omschreven door verdachte is begaan.

Verstaat, dat het aldus bewezen verklaarde oplevert de strafbare feiten zoals hierboven vermeld.

Verklaart verdachte strafbaar.

Veroordeelt verdachte ter zake daarvan tot een gevangenisstraf voor de tijd van 4 jaren.

Beveelt dat de tijd, die de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de hem opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht.

Gelast de terbeschikkingstelling van de verdachte met bevel tot verpleging van overheidswege.

Verstaat dat deze maatregel wordt opgelegd ter zake misdrijven als bedoeld in artikel 359, zevende lid, van het Wetboek van Strafvordering.

Veroordeelt verdachte, terzake van het bewezen feit 1 primair en feit 2 subsidiair tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer], voornoemd, van een bedrag groot: € 1.500,00 (zegge: één duizend vijfhonderd euro), voorzover dit bedrag niet door de mededader zal zijn betaald.
Veroordeelt verdachte daarnaast in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, alsook in de kosten van betekening van dit vonnis, de in verband met de tenuitvoerlegging van dit vonnis nog te maken kosten en de kosten vallende op de invordering.

Legt de maatregel op dat veroordeelde verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit 1 primair en feit 2 subsidiair tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag groot € 1.500,00 ten behoeve van de benadeelde [slachtoffer], voornoemd, met bevel, voor het geval dat volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt, dat vervangende hechtenis voor de tijd van 30 dagen zal worden toegepast, een en ander voorzover dit bedrag niet door een mededader zal zijn voldaan.
Verstaat dat als veroordeelde heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van bedoeld bedrag daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij het bedrag te betalen, komt te vervallen, en andersom, als veroordeelde aan de benadeelde partij het verschuldigde bedrag heeft betaald, dat daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat der Nederlanden van dat bedrag komt te vervallen.

Bepaalt dat voornoemde benadeelde partij: [slachtoffer], voornoemd, voor het overige niet-ontvankelijk is in haar vordering, en dat de benadeelde partij de vordering in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.

Verklaart niet bewezen wat aan de verdachte sub 1 primair en sub 2 subsidiair meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij;


Aldus gewezen door mr. Melaard, voorzitter, mr. Bloebaum en mr. Alers, rechters, in tegenwoordigheid van Wolbers, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting op 9 april 2010.

 

---------------------------------------------------------------------------------
De rechtbank ondervroeg Van IJ. uitvoerig. Hij zweeg vooral. Medeverdachte G. was iets spraakzamer. Hieronder volgt het verslag van de ondervraging.

Van IJ. wordt bijgestaan door advocaat Taner Seker van advocatenkantoor Kalk uit Enschede. Advocaat Jeroen Ruarus neemt de verdediging van de vrouw G. op zich. De meervoudige strafkamer (drie rechters) staat onder leiding van M. Melaard.  Aanklager in deze zaak is officier van justitie Carla Hofstee.


Advocaat Seker zegt dat Van IJ. zich altijd op zijn zwijgrecht heeft beroepen. In mei werd hij in Hengelo op het politiebureau verhoord. Dat duurde slechts twee minuten. “Maar wat gebeurt er dan. Vijf dagen later mag hij pas terug naar de gevangenis omdat er geen transport zou zijn. Het regime op een politiebureau is heel anders. Ik denk dat er druk op hem is uitgeoefend om een verklaring af te leggen. Dat is ontoelaatbaar”.
Hij laakt vervolgens het optreden van Justitie in de media. “Voortijdige berichtgeving heeft tot nodeloze angst geleid en een onnodig spoeddebat tot gevolg, terwijl de mogelijkheid van een onjuiste aangifte nog open stond”. Vanwege al die moet het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk worden verklaard.

Officier Hofstee zegt dat het vanwege pinksteren was dat Van IJ. niet eerder kon worden teruggebracht. “Het was vervelend, maar heeft geen gevolgen gehad voor zijn zaak”, zegt Hofstee. Over de media berichtgeving zegt zij dat er vaak niet aan te ontkomen is dat dit soort zaken een loop neemt. Met het Openbaar Ministerie heeft dat niets te maken. “Nodeloze angst in samenleving, daar ben ik het wel mee eens. Maar dat is ons niet aan te rekenen. Het spoeddebat ging juist over de vraag of de burgemeester geïnformeerd moest worden”.

Rechter Melaard wil weten wanneer precies er een persbericht van het Openbaar Ministerie of de politie is uitgekomen, dat volgens advocaat Seker ongewenste publiciteit heeft veroorzaakt.
Officier Hofstee zegt dat er contact is geweest tussen betrokken spelers. Er is afgesproken: rust, we moeten het eerst uit zoeken. Het was vooral de Van der Hoeven kliniek die rust wilde. Maar er was veel ophef, waarover iets gezegd moest worden. Dat leidde tot verschillende verhalen met verschillende inhoud. Hofstee: “Daar hebben wij geen invloed op”. De rechter schorst de zitting om te beslissen over de ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie, dus over de vraag of het OM deze zaak wel mag doen.

De rechtbank hervat de zitting. Voorzitter Melaard zegt dat de vijf dagen op het bureau ongewenst zijn, maar geen onaanvaardbare druk heeft opgeleverd. Angst in de samenleving of persberichten leveren geen norm op waar de verdachte rechten aan kan ontnemen. Dat betekent dat de zaak gewoon door kan gaan.

Van IJ. zegt desgevraagd dat hij kort iets wil verklaren en verder zal zwijgen. Hij zegt dat zijn vriendin G. hem onder druk zette met: “Als ik het wil blijf je levenslang op de long stay. Als jij de relatie uitmaakt, pak ik je. Ik kan haar nu zeggen: gefeliciteerd het is u gelukt. Het raakt mij zeer. Ik laat het verder over aan mijn raadsman”.

Rechter Melaard neemt de zaak door die begint met een 112-melding dat er een gijzeling heeft plaatsgevonden op Paaszondag 2009 en de vrouw naar de buren is gevlucht. Het slachtoffer blijkt volledig overstuur. Ze zou zijn vastgebonden en verkracht door Van IJ. en een vrouw. Er worden politiehonden ingezet en uren later worden Van IJ. en verdachte G. gevonden en aangehouden. De technische recherche onderzoekt de woning. Vindt er tape, een videocamera.
Het slachtoffer vertelt dat haar ex-vriend met een sleutel 's nachts ineens was binnengekomen. Later verscheen ook een vrouw, die een ex-vriendin was. Van IJ. zou haar hebben getapet bij polsen en enkels en ook haar mond werd dichtgeplakt.

Omdat mannen mooie gezichten zouden willen zien, werd haar mond vrijgemaakt en gedwongen tot het drinken van glazen bacardi. Die zou ze echter stiekem in de plantenbak hebben gegooid. Ze deed alsof ze bewusteloos was. Ze werd op tafel gelegd en verkracht door Van IJ. Daarna werd ze onder de douche gezet. De verdachten zouden veel geld met haar willen verdienen, door haar te verkopen naar het buitenland. Er moest ook een mes mee om haar eventueel uit de weg te ruimen. Van IJ. zou een afspraak hebben met drie mannen. Het slachtoffer hoorde dat allemaal terwijl ze deed alsof ze bewusteloos was.

Toen Van IJ. en G. het huis verlieten om een auto te gaan halen, wist zij te ontsnappen uit haar eigen huis en bij buren alarm te slaan. Ze vertelde dat Van IJ. vaker seksuele fantasieen had over vastbinden. Ze kende Van IJ. als zes jaar. Ze kende hem uit Oldenkotte waar ze een jaar zat. De leiding had het begin moeite met de relatie maar die kon toch worden doorgezet. Er ontstond een normale seksuele relatie. Een keer heeft hij haar vastgebonden met sjaaltjes en de keel dichtgeknepen. Zij wilde het niet, maar hij zei dat hij erop kickte en dat zij zo haar liefde kon bewijzen. Ze heeft er niet over verteld binnen Oldenkotte omdat hij anders naar de longstay zou gaan. Want juist voor dit soort seksueel gewelddadig gedrag had hij tbs. Familie van haar werd door hem bedreigd.
Samen volgden ze bij Oldenkotte relatietherapie.

Later in in 2008 een flat van de Van der Hoevenkliniek waar Van IJ. intussen zat, had ze een heftige ervaring met hem. Hij bond haar vast, stopte een prop in haar mond en verkrachtte haar. Ze verzette zich en raakte in paniek, maar kon niet schreeuwen. Ze kreeg een klap in haar gezicht. Naderhand mocht ze niet naar huis. De schijn moest worden opgehouden dat het koek en ei was.
Vanaf oktober 2008 mocht Van IJ. begeleid en onbegeleid buiten de inrichting. Dat ging in het begin goed. Met kerst waren er irritaties. Er ontstond een ruzie die uitmondde in gewelddadige seks waarbij zij een fles in haar vagina zou hebben gekregen.
Later zou hij de relatie hebben uitgemaakt, omdat hij bang was voor herhaling van een delict waarvoor hij 12 jaar eerder tbs had gekregen.
Hij zocht toch weer contact en dat leidde tot de ontmoeting 12 april. Ze waren eerst gezellig in de stad. Zij ging naar huis, hij zou later volgen, maar om 22.00 uur was hij er nog niet. Ze belde zijn zus, omdat ze zich zorgen maakte. Ook om 2.55 belde ze ongerust die zus nog eens.

Tijdens dat telefoontje kwam hij binnen. Hij had gedronken. Om half vier ging het mis. Het slachtoffer verklaarde: “Dimitri kwam op mij af met een verbeten gezicht. Hij deed een hand over mijn mond en riep Sjamila om te komen. Dimitri zei dat dit zijn ex was. Ik vroeg wat doe je me aan. Sjamila bond me vast met tape. Ze bonden mij vast aan een stoel. Dimitri en Sjamila knuffelden met elkaar. Ik kreeg het tape een beetje los. Sjamila zag dat en vroeg of ik iets ergs wilde meemaken. Ik zou niet meer vastgebonden worden als ik zou meewerken”.

Daarna moest het slachtoffer de baccardi gaan drinken, die ze echter ongezien wist weg te gooien. Ze hoorde Sjamila zeggen dat Van IJ. een psychopaat zou blijven. Dat hij slimmer was geworden, maar nog altijd ziek was in zijn hoofd. Ze werd uitgekleed, hield zich bewusteloos terwijl ze op tafel lag. Ze voelde handen, lauwe spetters op haar. Ze werd gedoucht. Ze kreeg een string aan die niet van haar was. Terug in de kamer zag ze dat een camera klaar stond. Ze hoorde dat ze verkocht moest worden. Daarna spraken ze over wie de auto zou halen en wilden ze de pincode van het slachtoffer hebben. Toen beiden weggingen, ging het slachtoffer door het raam naar buiten en schreeuwde om hulp.

De reconstructie tot nu is gebaseerd op de eerste verklaring van het slachtoffer. Zij is nog vaker gehoord. Rechter Melaard vertelt dat er toen een mp3 speler is overhandigd, die u ooit zou hebben afgepakt en waarop Van IJ. een soort dagboek bijhield. Ze zou wel tegen haar halfzusje hebben verteld over bedreigingen in het verleden, maar dat leidde tot bedreigingen van die zus. Uit angst durfde ze niet verder te praten over de bedreigingen. “Ik was de veilige factor voor hem. Zonder mij zou hij niet naar buiten kunnen”, stelde ze.
Toen Dimitri in april kwam, was zij eerst daarover verrast. Ze hadden immers afgesproken dat zij moest liegen over zijn aanwezigheid in Enschede, omdat hij juist naar Papendrecht wilde. Papendrecht is de woonplaats van de andere ex-vriendin en verdachte G.

In dat tweede verhoor beschreef ze opnieuw de gijzeling en verkrachting. Er zou daarbij zijn gezegd: kijk uit dat er geen DNA achterblijft. Rechter Melaard zegt dat zij vrijwel dezelfde verklaring aflegt later bij de rechtercommissaris. In het bijzonder ging ze in op waarom ze niet eerder sprak over de bedreigingen. Advocaat Jeroen Ruarus onderbreekt hem en zegt dat er juist zeer veel verschillen in de verklaringen zitten. Melaard wil dat pas bij het pleidooi horen. De rechter vertelt dat buurtbewoners zijn gehoord. Een buurtbewoonster verklaarde dat ze meerdere mannen achter het woningcomplex hoorde. Later hoorde ze een man en een vrouw. Om kwart over drie werd ze weer wakker van geschreeuw uit het complex van het slachtoffer. Rechts van dat complex zag ze een man staan, in het licht van de lantaarnpaal, donkere huid, gestreept vest, donker haar. Later klom een persoon van het balkon van het huis van het slachtoffer. Beide mannen gingen dicht bij elkaar staan. Een klom weer terug. De andere man ging tussen muur en balkon staan.
Later werd ze weer wakker van geschreeuw: “Dimitri niet doen”. Ze belde niet de politie omdat ze dat al veel vaker heeft gedaan. Nu moest een ander dat maar doen.

Rechter Melaard vraagt of verdachte Sharmilla G. daar bij dat balkon heeft gestaan. “Kan het dat u de man was met het gestreepte vest”. G. zegt dat ze iets gestreepts droeg en dat zij inderdaad bij het balkon stond.

Een andere getuige beschrijft een situatie waarbij het slachtoffer mogelijk ernstige ziekte simuleerde. Dat leidde ertoe dat het contact op een laag pitje had gezet. 12 april hoorde ze het slachtoffer na bonken op haar raam, help help roepen. Daarna belde zij 112. Ze hoorde later het verhaal dat het slachtoffer alles had verzonnen. Om Van IJ. te naaien en ervoor te zorgen dat hij nooit meer vrij zou komen.
Een andere getuige in de buurt heeft het slachtoffer horen zeggen dat zij ervoor zou zorgen dat Van IJ. nooit meer vrij zou komen. Ze zegt dat het zo ook niet gebeurd kan zijn, omdat zij niets heeft gehoord en haar hondje niet aansloeg.
Advocaat Ruarus merkt op dat het haar van het slachtoffer niet nat was en dat er geen blauwe plekken op haar benen zaten. Het komt erop neer dat twee buurvrouwen zeggen dat ze liegt dat ze slachtoffer is.

Een volgende getuige die beiden kennen van Oldenkotte en die beiden nog vriendelijk op de Markt ontmoette op die zaterdag. Ze zouden zelfs hebben gezegd dat ze kinderen wilden. Het slachtoffer zei daar later op dat dit was om de schijn op te houden.
Een maatschappelijk werker van de Van der Hoeven kliniek die het verlof in de gaten moest houden en moest regelen, heeft niets willen verklaren. Dat geldt ook voor een deel van de familie.
Rechter Melaard vertelt dat de videocamera in de woning is veiliggesteld. Op het bandje staan opnames van een cellencomplex, de thuiskomst van de man, gebeurtenissen in de huiskamer, de opnames duren ruim zeven minuten. Eerst is er geen beeld. Een vrouw zegt: ik wil eerst even plassen. Als beeld zichtbaar wordt, ligt een persoon op de bank, volledig gekleed. Het gaat om het slachtoffer. Op de tafel ligt een afstandbediening, een fles en mogelijk kleding. De persoon die de camera heeft ingesteld loopt weg. Er klinkt geluid dat lijkt op lostrekken van tape. Dat geluid herhaalt zich. De vrouw op de bank beweegt zich en hoest. De man gaat naast het hoofd van de vrouw zitten. Er is nog een vrouw met een gestreepte trui. De man zegt: we gaan haar op tafel leggen. We gaan haar uitkleden. De man pakt het vrouw bij de voeten vast, de vrouw bij de schouders. Dan is te zien dat de mond is afgetapet. Het uitkleden van de vrouw begint. De man zegt: kleed haar maar uit. De vrouw: ja, hallo, het is jouw vriendin.. Toch is het de vrouw die het slachtoffer verder begint uit te kleden. Als de man weer in beeld komt legt hij een worst met een wit vel neer. De onderbroek wordt uitgetrokken. De vrouw zegt: ze is koud. Hij zegt: o, ze is zo weer warm. Het slachtoffer moet overeind gaan zitten. De man zegt: ze gaat een flinke show geven. Daarna is de film afgelopen.

Rechter Melaard zegt dat er biologische sporen zijn gezocht. Er is een zeer grote kans dat sporen op de worst van de vagina van het slachtoffer zijn. Er kan vervolgens echter niet stellig worden gezegd dat de worst in de vagina is geweest.

In de auto van de vrouwelijke verdachte werd een laptop aangetroffen. Verdachte Sharmilla G. bekent dat die van haar was. Volgens rechter Melaard staat de G-mail in-box van verdachte Dimitri Van IJ. erop. Het Nederlands Forensisch Instituut heeft de computer gekraakt. De onderzoeker trof een uitgaand bericht 10 april aan. “laat me weten of je kunt, anders verplaatst alles zich naar eind april”. Een volgend bericht: “Ik kom zaterdagnacht maar het wordt wel heel laat”. Een volgend bericht: “Ik hoop dat je er echt klaar voor bent. Het wordt heftig. Er is geen weg terug meer. Heb je ook kleding, waar zij in zo kunnen werken. Neem voor jezelf ook wat mee”. En: “Ik praat wel met je als ik er ben. Ik denk niet dat ik iets voor haar heb. S.”. En: “Bel me als je er bent”. Beide verdachten wilden niet het wachtwoord geven waarmee de politie de computer gemakkelijk had kunnen onderzoeken.

Er is ook een aantal telefoons bekeken. Advocaat Seker wil een sms-bericht van het slachtoffer aan Van D. voorgehouden hebben. Het luidt: “Als je echt van me houdt, dan bel je even, want het doet me heel erg pijn”. En: “Ik wil graag bij je zijn. Mag komen?” En: “Waarom doe je zo? Ben aan het neuken? Ik?”. En: “Ik ben in de stad liever, wil graag bij je zijn”. Dan een bericht van Van D. aan het slachtoffer: “Ik wil niet weer een zwaar gesprek voeren”. Advocaat Seker zegt dat het zo genoeg is.

Rechter Melaard vertelt dat er crisisopvang voor het slachtoffer nodig was toen in de media bekend werd dat ook zij een tbs verleden had. Het was niet raadzaam haar in de wijk te laten wonen. Er werd een maatschappelijk werker ingezet om haar te helpen. Die stelt dat hij op een gegeven moment door haar werd beschuldigd voor seksuele intimidatie. Hij heeft bekend wel wat lichtzinnige opmerkingen gemaakt. Zij heeft aangifte gedaan omdat hij op een gegeven moment bij haar op het bed lag. Hij ontkent dat. Het leidde tot ontslag van de maatschappelijk werker met een vertrekregeling. De maatschappelijk werker zal worden vervolgd hiervoor, zegt officier van justitie Hofstee.

Melaard vermeldt het interne onderzoeksrapport van de Van der Hoeve kliniek. Een korte samenvatting is: we hebben alles volgens het boekje gedaan. Het hernieuwde contact met Sharmilla en een sadomasochistische relatie met het slachtoffer, daar wisten we niet van. Dat slachtoffer zei juist steeds dat ze uitzag naar het contact met Van D. De kliniek zoekt wel maatregelen om te voorkomen dat ze er niet nog een keer intrapt.

Melaard geeft verdachte Sharmilla het woord. Zij leest een verklaring voor. “Op 11 april na tien uur heb ik Dimitri opgebeld en laten weten dat ik naar Enschede kom om uit te gaan. Ik reed de verkeerde kant op en kwam uit in Amsterdam. Bij een benzinepomp vroeg ik de weg. Ik reed naar het station waar ik Dimitri ophaalde. Ik parkeerde in de Irenepromenade. We hebben op een terrasje gezeten. Dimitri had een oude bekende van Oldenkotte ontmoet. Hij wist niet zeker of zijn vriendin mee ging omdat ze woorden hadden gehad. We reden naar het huis van zijn vriendin. Toen ik een parkeerplaats vond, vroeg ik, moet je ver lopen. Hij zei nee. Ik bleef in de auto. Ik kreeg pijn in de buik van de menstruatie. Ik ben uitgestapt omdat ik niets bij me had. Ik liep langs de flat toen ik haar hoorde gilde. Ze trok aan de jas van Dimitri. “ga niet weg, blijf hier kankerlijer”. Hij liep weg, weer terug. Ze bleef schelden. Ik keek nog een paar keer of hij zou komen, toen ik hem over het balkon zag springen. Hij zei laten we weggaan, ze gaat helemaal door het lint. Ik zei dat ik een inlegkruisje nodig had. Hij ging het voor me halen. Ik ging bij het balkon staan. Ik hoorde haar weer schreeuwen. Ik klom over het balkon en ik zag beiden op de grond liggen. Zij trapte en schreeuwde. Ik liep de gang in en keek naar hen. Toen ze mij zag was ze even stil. Toen schreeuwde ze: ik maak je af. Hij zei: pak snel tape dat daar op de grond ligt. Ik heb haar handen vastgetapet. Hij heeft haar op de keukenstoel laten zitten. Ik ben op de bank gaan zitten. Later kwam Dimitri ook. Daarna kwam ook zij. Ze ging drinken. Dimitri draaide shagjes voor beiden. Hij pakt mobieltje. Zij zei: ik wil je sms-jes lezen. Hij ging drank halen. Zij streelde mijn wang en haren en zei: je bent mooit. Dimitri ging tussen ons zitten. Zij dronk rum cola. Ze zei: je mag niet zonder mij weg. Ik pakte mijn glas, ging naar de keuken. Dimitri ging bij mij zitten. Zij kwam, viel in de gang en zei: je mag niet weg. Ze wilde andere kleren en meer sexy eruit zien. Ik ging haar kleren pakken. Ze ging weer schreeuwen. Ze was jalours. Hij wilde haar helpen verkleden. Ik heb haar kleren netjes opgevouwen en op de bank gelegd. Toen zag ik een worst op tafel. Ik vroeg hem: what the fuck is this. Hij zei dat ze een show zou geven. Dimitri ging de auto halen. Ik wilde weg, we wilden haar niet mee. Kort nadat we buiten waren zijn we gearresteerd”.

Rechter Melaard: Waarom vertelt u dit nu pas?
Sharmilla: op aanraden van mijn advocaat.
Rechter: Het heeft misschien veel meer zeggingskracht als u het direct had verteld.
Sharmilla: dit heb ik meteen opgeschreven.

Rechter pakt nu een verklaring erbij die Van D. kennelijk wel bij de politie heeft afgelegd. Daarin ontkent hij haar te hebben verkracht. Hij verklaarde onder meer: “ik wilde haar in een hoerenstraat afzetten. Als ze dan naar andere mannen wil kijken, dan..” Hij zei ook dat hij haar niet van haar vrijheid had beroofd, omdat ze makkelijk los kon komen. Zij kreeg er weinig van mee omdat ze dronken was.

Officier van Justitie Hofstee wil weten wat de betekenis is van de mails (het gaat heftig worden, er is geen weg meer terug, etc) in relatie tot het net voorgelezen verhaal. De verdachte Sharmilla zegt dat ze maar vluchtig naar die berichtjes keek en er slordig en snel op reageerde. Herfst 2008 kregen zij en Dimitri na lange tijd weer contact. Zij zocht dat contact na het overlijden van haar dochtertje. “Ik wilde weten hoe het met hem ging en hem dat vertellen”.
Hofstee stelt dat de verdachte kennelijk niet aarzelde om de tape te pakken en te helpen tapen. De verdachte zegt: “Ik stond er gewoon. Ik heb heel losjes de tape vastgemaakt, zodat ze niet kon slaan. Ik ben in de woonkamer gaan zitten en Dimitri heeft haar op een stoel gezet. Na een paar minuten is zij bij ons komen zitten. We hebben wat gedronken. En eh, ze was de hele tijd heel boos…”
Op verzoek van Hofstee vertelt de verdachte het verhaal opnieuw, maar nu uit het hoofd. Het slachtoffer zou hebben gezegd: “Als je weggaat zal ik alles vertellen aan de kliniek. Dat je me verkracht hebt”. Het slachtoffer bleef maar zeggen dat zij met ons mee zou gaan. De verkering moest weer aan.

Advocaat Ruarus wil concreter vragen horen. Officier Hofstee moet ook van de rechter vragen stellen.
Hofstee: “u wilde haar niet mee hebben. Dan ligt ze op de bank. Waarom gaat u niet meteen weg maar gaat u haar omkleden”.
Verdachte: “Ze wilde perse mee. Ze deed of ze niet bij kennis was. Dimitri zei om een geintje met haar uit te halen, om te kijken of ze zou reageren.
Hofstee: wat voor geintje?
Verdachte: om haar in een hoerenstraat af te zetten: als je mannen wilt versieren, kun je dat doen.
Hofstee: hoe heeft u daarop gereageerd
Verdachte: de sfeer was toen heel anders. En toen heb ik.. de sfeer … eh. En toen heb ik meegeholpen om haar om te kleden.
Hofstee: dus niet om uit te gaan. Maar om een geintje uit te halen.
Verdachte: het was de bedoeling dat ze mee uit zou gaan, en eh,
Hofstee: ze wordt omgekleed. Op tafel. Er is op het filmpje aftrekken van tape te horen. Dan is de mond afgeplakt.
Ruarus: het is ‘kennelijk’ afgeplakt.
Hofstee: wat is de bedoeling van het tapen als het gaat om een geintje. Hebt u Dimitri gevraagd wat de bedoeling van de worst was?
Verdachte: dat was omdat ze toneel speelde, om te kijken hoe ze erop reageerde.
Melaard: wat is er mee gebeurd?
Verdachte: als ze echt bewusteloos zou zijn, dan zou er geen reactie komen.
Melaard: waarop, wat gebeurde er dan met die worst. Als er gewoon een worst ligt wordt je er niet wakker van.
Verdachte: de worst is absoluut niet tegen haar kittelaar gehouden. Dimitri heeft die worst vastgehad, hij hielp met uitkleden en had ook haar onderbroek in handen. Die worst is niet tegen haar lichaam gehouden.
Melaard: heeft u die worst de hele tijd in de gaten gehouden.
Verdachte: het is gewoon niet gebeurd. Het slachtoffer heeft het verzonnen. Ik heb de worst gelijk gepakt en naar de keuken gebracht.
Melaard: waarom zei u: what the fuck is this toen u een worst zag.
Verdachte: ik vond het raar. Ik ben vegetarisch. Ik heb zo gereageerd.
Melaard: je zou eruit kunnen afleiden dat u schrok van de worst.
Verdachte: het is een uitdrukking die ik wel vaker gebruik. Ik zei het omdat ik niet wist wat het was.
Melaard: en net zei u dat u reageerde omdat u een worst zag.
Verdachte: op dat moment wist ik het niet.
Melaard: ik snap niet waarom u zich daar druk over maakte.
Verdachte: ik was gewoon verbaasd.
Melaard: waarom..
Advocaat Ruarus: Met alle respect…

Het slachtoffer vordert een vergoeding van 12.500 euro.

Rechter Melaart leest de slachtofferverklaring voor. Daarin staat dat Van D. en G. haar wilden verkopen. Ze heeft nog altijd nachtmerries. Ze durft ook overdag niet meer de straat op. Mannen snauwt ze af, ook als die enkel de weg vragen. Ze blijft bang voor wraak van Van D. “M’n leven is voorgoed veranderd, en dat kan ik maar moeilijk accepteren”.

De zitting wordt voor een half uur geschorst.

De zitting wordt hervat met de persoonlijke omstandigheden van verdachte Sharmila G. Ze werd geboren in Paramaribo, is alleenstaand, heeft vaker in de gevangenis gezeten. Is kort getrouwd geweest. Had een dochtertje dat in haar slaap overleed. Ze smokkelde cocaine. Volgens haar was ze zich daar zelf niet van bewust.
Sharmila weigerde medewerking aan een onderzoek in de Pieter Baancentrum. Ze is er wel geobserveerd. Het contact met Van D. is in detentie vanwege die smokkel ontstaan. In de observatie maakte ze de eerste twee weken een zeer goede, vriendelijke en sociale indruk. De derde week kwam Van D. erbij. Ze trokken samen veel op. Beiden sluiten zich niet af, wel fluisteren ze soms onderling. Aan het eind van de vierde week wordt de sfeer negatiever. Beide trekken meer naar elkaar toe en worden intiemer.
De verdachte onderbreekt de rechter en zegt dat ze met alle activiteiten heeft meegedaan.
Sharmila wekt niet de indruk een psychische ziekte te hebben.

Over het leven van Van IJ. zeggen rapporten: Zijn ouders scheidden toen hij zes jaar was. De biologische vader was alcoholist en gewelddadig vooral tegen moeder maar ook tegen Dimitri. Hij toonde al vroeg gedragsproblemen. Op z’n twaalfde werd hij uit huis geplaatst na een brandstichting. Hij groeide toen op in Groot Emaus in Apeldoorn. Hij zou een docent een gebroken kaak hebben geschopt en een pistool mee hebben genomen. Op z’n 19e ging hij zwerven nadat werk in Geesteren als stratenmaker spaak liep. Hij keerde terug bij zijn moeder en leefde mogelijk van drugshandel. Van IJ. werd in 1995 veroordeeld voor verkrachting en vrijheidsberoving terwijl er een kind achterin zat. Hij kreeg tbs met dwangverpleging. Hij moest naar Oldenkotte en weigerde daar elke behandeling. Hij was aangemeld voor de long stay afdeling maar de landelijke adviescommissie vond dat niet aan de orde omdat hij nog erg jong was. Hij werd overgeplaatst naar de Van der Hoeve Kliniek. Het uitgangspunt daar was samenwerking, wat kennelijk werkte. Geleidelijk aan kreeg hij meer vrijheden naar onbegeleid verlof uiteindelijk. 14 februari 2009 beëindigt hij de relatie met zijn latere slachtoffer zonder dat in de kliniek te melden. Hij moest een tijde intern blijven, omdat de behandelaars verrast waren. Daarna kreeg hij toch meer mogelijkheden.
Van IJ. werkte aanvankelijk mee, totdat het aankwam op gesprekken met deskundigen. De stiefvader heeft wel informatie willen geven.
Tijdens de observatie was hij zelfverzekerd en wellicht soms arrogant. De deskundigen zien een persoonlijkheidsstoornis met antisociale en narcistische trekken. Het eerder tbs-delict wordt vooral als een agressiedelict gezien en niet zo zeer voortkomend uit seksuele drift. Men ziet een hoge mate van psychopathie. Deskundigen geen uitspraak doen over toerekeningsvatbaarheid.